Generic selectors
Exact matches only
Search in title
Search in content
Post Type Selectors

Samen in gesprek over verlies rouw (Let's talk about grief)

KPO 52 header

Deze afbeelding is gegenereerd met AI

Project: Samen in gesprek over verlies rouw

Het verlies van een dierbare kan leiden tot langdurige psychische klachten. Deze klachten horen soms bij een zogenaamde ‘persisterende-rouwstoornis’: een vorm van rouw die zo zwaar en aanhoudend is dat het dagelijks leven ernstig wordt verstoord. In de praktijk lijken deze klachten vaak sterk op angst of somberheid. Hierdoor wordt de werkelijke oorzaak — de rouwstoornis na het verlies van een naaste — niet altijd opgemerkt.

Vluchtelingen vormen hierbij een specifieke risicogroep. Door schokkende gebeurtenissen in hun land van herkomst of tijdens hun vlucht hebben zij niet alleen een grotere kans op angst- en stemmingsstoornissen, maar hebben zij ook vaker dierbaren verloren. Op dit moment is er echter nog weinig bekend over hoe vaak deze vorm van vastgelopen rouw precies voorkomt bij mensen met een vluchtachtergrond.

Het doel van dit onderzoek was daarom drieledig:

-Meer inzicht krijgen in hoe vaak een persisterende-rouwstoornis voorkomt bij cliënten met angst- en stemmingsklachten, met specifieke aandacht voor cliënten met een vluchtachtergrond.

-Onderzoeken in hoeverre behandelaren de psychische klachten die horen bij deze vorm van rouw herkennen bij hun patiënten.

-Het ontwikkelen van voorlichtingsmateriaal (psycho-educatie) over langdurige rouw, in nauwe samenwerking met ervaringsdeskundigen.

De resultaten

Uit het onderzoek naar de deelnemers bleek dat maar liefst 34% voldeed aan de criteria voor een persisterende-rouwstoornis (vastgelopen rouw). Opvallend was dat vluchtelingen een twee tot drie keer hoger risico op deze stoornis bleken te hebben dan niet-vluchtelingen. Uit gesprekken met behandelaren kwam naar voren dat de relatie tussen de psychische klachten en het verlies van een dierbare vaak pas gaandeweg de behandeling wordt ontdekt. Sinds het onderzoek wordt er bij zorginstelling De Evenaar tijdens de intake standaard gevraagd naar het verlies van naasten. Hierdoor worden er nu vaker aanwijzingen voor een rouwstoornis gevonden dan vóór het onderzoek. Ook bij andere afdelingen van GGZ Drenthe is er sindsdien meer aandacht voor psychische klachten als gevolg van verlies en rouw.

De aanleiding
De directe aanleiding voor dit onderzoek was de casus van een cliënt uit Syrië. Deze man was gediagnosticeerd met een posttraumatische stressstoornis (PTSS), maar een behandeling van vier jaar leidde niet tot minder klachten. Uiteindelijk bleken zijn psychische problemen sterk samen te hangen met het verlies van zijn zoon, waarover hij zich erg schuldig voelde. Een specifieke rouwbehandeling die daarna volgde, sloeg wel aan. Deze cliënt heeft zijn verhaal beschikbaar gesteld voor het onderzoek. Hij was bovendien nauw betrokken bij een focusgroep die gericht was op het maken van een handreiking. Met hulp van zijn ervaringen en die van andere ervaringsdeskundigen is er een gids ontwikkeld om het gesprek over verlies en rouw beter af te stemmen op de behoeften van cliënten. De tekst van deze handreiking is meerdere malen aan de ervaringsdeskundigen voorgelegd ter beoordeling en verfijning.

Belangrijke leermomenten voor professionals
Tijdens interviews met behandelaren over het herkennen van klachten die passen bij een rouwstoornis, kwamen waardevolle inzichten naar boven. De meeste behandelaren gaven aan dat zij het onderscheid tussen rouwklachten en algemene angst- of stemmingsklachten eigenlijk niet goed kenden. Eén behandelaar zocht tijdens het interview zelfs direct op of behandeling voor rouwklachten wel vergoed werd door de verzekeraar. Veel professionals gaven aan dat het goed zou zijn om voortaan in elk intakegesprek naar verlies te vragen. Sinds het onderzoek merken behandelaren van De Evenaar dat er niet alleen meer aandacht is voor dit thema, maar dat een rouwstoornis ook daadwerkelijk vaker wordt herkend en gediagnosticeerd.

Reflectie
Een belangrijk verbeterpunt voor een volgend onderzoek is om de gesprekken met behandelaren al eerder in het traject te voeren. Het bewustzijn over rouw en verlies nam door deze gesprekken namelijk zo sterk toe, dat het mogelijk makkelijker was geweest om meer deelnemers te vinden voor de studie naar hoe vaak de stoornis voorkomt (de prevalentiestudie).

Handreiking 'Herkennen van een persisterende-rouwstoornis'

De handreiking ‘Herkennen van een persisterende-rouwstoornis’ is ontwikkeld om behandelaren te helpen het onderscheid te maken tussen normale rouw en een blijvende rouwstoornis. Het product biedt gedetailleerde tabellen die laten zien hoe een rouwstoornis in symptomen verschilt van of juist lijkt op een depressie of PTSS.

Handreiking ‘Aanhoudende rouw’

De handreiking ‘Aanhoudende rouw’ is ontwikkeld om cliënten informatie en steun te bieden wanneer het verlies van een dierbare hun dagelijks leven blijft overheersen.

Publicaties

  • Vergelijkend onderzoek: The prevalence of prolonged grief disorder in patients with common mental disorders: a comparative study between patients with and without a refugee background in the Netherlands (Groen, S., Cath, D., van den Brink, R, Smid, G.)

Persoonlijke Ervaring

Dit onderzoek naar rouw, verlies en de persisterende-rouwstoornis heb ik als zeer waardevol ervaren. Uit de literatuur wisten we al dat 80 tot 90% van de vluchtelingen het verlies van dierbaren heeft meegemaakt. Toch denken behandelaren bij psychische klachten vaak eerst aan een posttraumatische stressstoornis (PTSS), depressie of een angststoornis. Dit onderzoek toont echter aan dat een persisterende-rouwstoornis veel vaker voorkomt dan gedacht: bij 34% van de onderzochte groep, tegenover 9% in de algemene populatie.

Vooral de ‘eye-openers’ tijdens de interviews met behandelaren zullen mij nog lang bijblijven. Een belangrijke drijfveer voor dit project was het overlijden van de patiënt wiens verhaal de aanleiding vormde voor dit onderzoek. Tijdens de eerste sessie van onze focusgroep, die gericht was op het bespreekbaar maken van rouw, deelden alle deelnemers hun eigen persoonlijke ervaringen met verlies. Dit zorgde voor een bijzondere start en een sterke onderlinge verbondenheid binnen de groep.

Niet alleen de behandelaren die direct aan het onderzoek meewerkten, hebben nu meer oog voor het verlies van naasten. Ook tijdens een bijeenkomst van GGZ Drenthe bleek hoe verrast collega’s waren door de onderzoeksresultaten. Sinds het onderzoek wordt een persisterende-rouwstoornis vaker herkend en zijn behandelaren gestart met gespecialiseerde trainingen in cognitieve gedragstherapie gericht op rouw.

Simon Groen
Antropoloog en senior onderzoeker bij De Evenaar

 

 

Rogier de Groot

De mensen achter dit onderzoek

Simon Groen

Simon Groen

Antropoloog en senior onderzoeker bij De Evenaar

Danielle Cath

Danielle Cath

Psychiater en hoogleraar bij het Rob Giel Onderzoeksentrum

Rob van den Brink

Rob van den Brink

Psycholoog en epidemioloog bij het Rob Giel Onderzoekcentrum

Geert Smid

Geert Smid

Psychiater en hoogleraar aan Universiteit voor Humanistiek

Bekijk Onze Andere Projecten

Hoewel meedoen niet meer mogelijk is, nodigen we u uit om onze andere projecten te verkennen. Ontdek hoe wij ons inzetten voor de langdurige zorg en laat u inspireren door de impact die we samen kunnen maken.